maandag 4 februari 2013

De inzet van hulpmiddelen

Hulpmiddelen voor dyslectische leerlingen zijn er veel. Ze zomaar gebruiken heeft echter niet veel effect. Het advies is om een paar goede programma’s uit te kiezen, en te zorgen dat je alle mogelijkheden van dit programma kent.

Opluchting na erkenning
Hulpmiddelen voor dyslectische leerlingen zijn er veel. Ze zomaar gebruiken heeft echter niet veel effect. Het advies is om een paar goede programma’s uit te kiezen, en te zorgen dat je alle mogelijkheden van dit programma kent. Eventueel kan de leerkracht ouders sites aanbevelen waar kinderen thuis mee kunnen oefenen: bijvoorbeeld:Woordkasteel, Woordenhaai, Flitskikker.

Vaak raken leerlingen het vertrouwen kwijt dat ze kunnen leren lezen op tempo en schrijven zonder fouten. Als erkend wordt wat er aan de hand is zijn leerlingen vaak enorm opgelucht. Op school worden dan handelingsafspraken gemaakt die gericht zijn op:

  • stimuleren (verhogen van motivatie)
  • compenseren (hulpmiddelen ter beschikking stellen
  • remediëren (een extra impuls om de achterstanden in te lopen).

Compenseren en dispenseren met ict
Er kunnen vanaf vanaf groep 5 voor leesproblemen en dyslexie compenserende en dispenserende maatregelen worden genomen met behulp van ict. In het voorbeeld wordt ‘sprint’ genoemd.

Sprint
Sprint ondersteunt het technisch en begrijpend lezen, Sprint leest een tekst, alinea, zin, woord, lettergreep of één enkele letter voor. Tijdens het voorlezen worden de woorden gemarkeerd en dit stuurt de aandacht waardoor de leerling actief meeleest. Compenserend effect: de leerling luistert naar de tekst en leest ondertussen mee, hij krijgt gelijktijdig visuele en auditieve input. Dispenserend: het lezen wordt voor de leerling vervangen, hij kan zich concentreren op het luisteren.

Gewoon in gesprek
Alle hulpmiddelen moeten gericht zijn op het leren van die ene leerling en dat vraagt meer dan het alleen aanschaffen en inzetten. Het gaat ook om contact met de leerling en met het kind snappen wat er speelt. Gewoon in gesprek. De leraar komt dan te weten hoe de leerling reageert op zijn dyslexie en dat is belangrijk om te bepalen wat mogelijk kan helpen. Is de leerling gemotiveerd en stevig en kan hij de extra inspanningen aan? Of is de leerling snel afgeleid, snel moe en heeft hij naast zijn dyslexie nog andere gedragsverschijnselen?

Het is ook nuttig aandacht te besteden aan het bijzondere talent van beeldend vermogen dat veel dyslectische leerlingen hebben. Deze leerlingen kunnen met andere zintuigen leren werken, in kleur en beeld en beweging. Met dit alles in gedachten is het goed om te kijken wat de leraar dan in de klas, met de leerlingen kan doen. Het gaat erom om vanuit kennis van wat dyslexie is, vanuit begrip voor wat het voor die ene leerling betekent, vanuit het persoonlijke contact en vanuit het uitdagende leerklimaat een aantal concrete maatregelen toe te passen die de lastige verschijnselen compenseren.

Tips
Vraag aan leerlingen hoe ze het aanpakken en waar ze steun aan hebben. Leer ze strategieën en help ze te plannen. Kinderen met dyslexie komen altijd tijd tekort! Laat leerlingen met dyslexie elkaar vertellen hoe ze het doen en wat ze daarbij gebruiken


Bron: www.kennisnet.nl





Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen